Tegenpolen: interview met twee mensen

(01 maart 2017)

Barbara Berkelaar (44) is bestuurder van PerspeKtief, een stichting die mensen met psychische problemen, daklozen en slachtoffers van huiselijk geweld helpt met opvang en werk.

Barbara Stichting PerspeKtiefDit is dezelfde stichting die Bas Spijk heeft geholpen. “Zijn verhaal is exemplarisch voor veel mensen in de bijstand: het is zo moeilijk daar uit te komen.”

Barbara’s eigen verhaal is anders. Haar ouders hebben haar altijd gestimuleerd alles uit zichzelf te halen. Haar vriendenkring bestaat uit rijke, hoogopgeleide mensen. Ze heeft dan ook weleens moeilijke gesprekken over haar werk, vertelt ze. “Mensen uit mijn omgeving hebben soms bepaalde opvattingen over mensen in de bijstand of met psychische problemen. Het vooroordeel is dat ze niet in staat zijn om mee te doen, crimineel zijn, overlast gevend of dat ze profiteren.”

De kloof tussen mensen uit verschillende milieus is van grote invloed op iemands leven, denkt ze. “Mensen die wij helpen hebben een krasje en weinig netwerk. Maar als mensen uit mijn eigen netwerk iets overkomt, slagen ze er door hun netwerk, hun sociale vaardigheden in betere zorg en zelfs een beter leven te krijgen.”

“Bij onze cliënten zijn de problemen vaak al generaties geleden begonnen. Uitkeringen, armoede, schulden mishandeling, het gaat vaak generaties terug. De uitdaging is die twee werelden met elkaar te verbinden. Dat begint met naar elkaar te luisteren.”

Bas Spijk tegenpolenBas Spijk (43) heeft autisme, ADHD en leeft deels van de bijstand. “Eigenlijk kom ik uit een goed milieu. Mijn vader had een eigen bedrijf, mijn moeder kwam uit een rijke familie en mijn zus heeft een heel goede baan.”

Maar hij was anders. “Een buitenbeen-tje. Ik heb softdrugs gebruikt, in de harddrugswereld geleefd en ik ben een tijdje dakloos geweest. Mijn moeder heeft een andere status. Als zij en haar vriendengroepje mijn verhalen horen, schrikken ze. We hebben ook een tijd geen contact gehad.”

Mensen leven in Nederland in verschillende werelden, denkt hij, en ze begrijpen elkaar niet. “Er is angst voor de mensen met wie ik omging.”

Ook politici staan ver van hem af. “Vaak praten ze over onderwerpen die mij niet raken. Het gaat telkens over buitenlanders, de PVV en weinig over wat ze gaan doen aan de zorg en de bijstand.”

Als je eenmaal een lage status hebt, is het ook moeilijk om op te klimmen, weet Bas. Tot twee jaar geleden heeft hij bijvoorbeeld nooit gewerkt. “Ik had een zorgindicatie dus vonden ze dat ik niet kon werken. Ik moest naar de dagbesteding, maar wilde juist een echte baan.”

Tegen alle adviezen in is hij toch gaan solliciteren. En het lukte, hij vond een baan als postbezorger. “Voor 20 uur. En ik ben er gelukkig mee. Ik heb mijn plekje in de maatschappij gevonden.”

« Terug naar het Nieuwsoverzicht